Terwijl ik de vierde aflevering van mijn 50/50 project aan het monteren was, besefte ik dat ik aflevering 2 en 3 hier nog niet geblogd heb. Ik vertel er later wel wat meer over, maar voorlopig zullen jullie het met de foto’s moeten doen.
Voor velen is werken op locatie een nachtmerrie omdat er zoveel factoren zijn waarmee je rekening moet houden. Zelf zie ik het anders: een locatie biedt altijd een hoop mogelijkheden en inspireert me. Nu de warme maanden helaas bijna voorbij zijn wordt de kans weer groter buiten shooten geen optie is en niet elke klant heeft genoeg ruimte binnen om vlot te fotograferen.
Eén van de redenen om ons nieuwe huis met grote studio te kopen was om een alternatief te hebben bij slecht weer. Maar het is niet zomaar een plan B. De studio heeft als voordeel dat je de volledige controle hebt en geeft me de kans om een wat andere weg in te slaan.
Voor mijn commerciële werk, heb ik al behoorlijk wat in de studio gewerkt maar daar gaat het meestal om een afgelijnd idee dat tot leven gebracht moet worden. Daar heb ik het niet moeilijk mee maar echt vanaf nul beginnen vind ik moeilijker. Op locatie sturen de mogelijkheden ter plaatse me meestal in een bepaalde richting maar in de studio moet ik mezelf in een bepaalde richting sturen. Een degelijke studiofoto maken, kan ik wel maar om er een stukje van mezelf in te leggen, een “bert stephani foto” te maken, moet ik hard trainen. Jullie weten vast wel dat ik fotografie als een sport zie en als er bepaalde aspecten zijn van mijn spel die ik minder goed vind, ga ik daar gericht op trainen. Daarom dat ik de komende tijd een aantal testshoots doe in de studio.
Deze keer stelde ik mezelf als doel om de studio in beperkte mate als locatie te gebruiken maar zonder dat de ruimte te prominent aanwezig is. Tegelijkertijd heb ik mezelf verplicht om de opstellingen eenvoudig te houden (max. 2 flitsen, meestal 1). Het Amerikaanse model Kailyka was gewillig slachtoffer van dienst.
De ene foto is ongetwijfeld meer geslaagd dan de andere maar bij dergelijke trainingssessies mag je niet bang zijn om te ver te gaan, vind ik. Je mag ook niet bang zijn om eerlijke feedback te vragen van anderen, dus zijn jullie bij deze uitgenodigd om mijn experimenten te bespreken.
Dat de workshop behoorlijk theoretisch zou worden was geweten. Ik heb daarop proberen in te spelen door technieken en ideeën te illustreren met foto’s en mijn betoog te doorspekken met handige praktische tips. Op het einde van de dag deden we ook een live shoot waarbij we zoveel mogelijk van de opgedane kennis in de praktijk probeerden te brengen.
Ik ben zeer bewust niet op voorhand gaan zoeken naar leuke plekjes en goeie lichtinval op de locatie. Ik wou immers dat iedereen zelf kon zien hoe ik tewerk ga. Met 50 ogen op je gericht is dat niet zo evident, zeker niet als je nog eens moet uitleggen wat je normaal vooral instinctief doet.
We begonnen met een situatie met typisch zacht ‘window light’. We hadden aandacht voor de positie van het onderwerp en de camera tov de lichtbron en bekeken ook het effect van het veranderen van de afstand tussen onderwerp en lichtbron.
Door te keizen voor een klein scherptediepte veranderen achtergronden in abstracte patronen. Het vraagt wat ervaring om goeie patronen te herkennen maar het staat je toe om zelfs enkele cursisten als niet-storende achtergrond te gebruiken.
In het onderdeel over compositie hadden we het o.a. over lijnen die de blik van de kijker naar het onderwerp leiden. Bij ons wandelingetje door de abdij, zagen we een plaatsje waar de lijnen van een trap, invallend zonlicht en een schaduw allemaal naar hetzelfde punt leidden. Bij 1/100 op f/2.8 was de achtergrond zo als we ‘m wilden.
Omdat het onderwerp niet meer dan een silhouet was, haalden we er een flitsje bij.
Het leuke van het belichten van je onderwerp met flits is dat de belichting correct blijft ongeacht de sluitertijd (zolang het diafragma maar gelijk blijft). Door met de sluitertijd te spelen kan je dan de achtergrond (en de sfeer van de foto) snel aanpassen. Bij onderstaande foto gebruikte we 1/40.
En hier gingen we voor 1/250e voor een donkerdere achtergrond.
Een draai van 180 graden, gaf ons uitzicht op een lange gang met plankenvloer. De ramen opzij zorgen voor de belichting en het raam achteraan zorgt tegelijkertijd voor een kadertje rond het onderwerp en voor het licht dat op de grond reflecteert. De schaduw van het onderwerp in dit licht, wordt weer een lijn die naar het onderwerp leidt.
Voor ik bovenstaande beelden maakte, maakte ik een snel testbeeld om de belichting te bepalen. Het werd meteen ook een portretje waarmee ik best tevreden ben.
De beelden die we buiten maakten, hebben jullie nog tegoed.
Net terug van een deugddoende vakantie. Op de foto’s zullen jullie nog even moeten wachten maar ondertussen kan ik jullie alvast een filmpje voorschotelen van de flitsende bijeenkomst in Frankfurt die ik mocht begeleiden.
Alle lof voor Sean die het filmpje monteerde. Moeilijk te geloven dat het pas zijn eerste videomontage was.
Thursday November 01st 2007, 11:04
Filed under: gear, interieur, kids
Ik heb bij verschillende vroegere jobs op een Mac moeten werken. Ik heb zelfs ooit een Mac gekocht (2e generatie iMac) maar heb die na enkele maanden alweer buitengesmeten. Ik vond het altijd wel allemaal mooi en fijn maar de compatibiliteit met mijn pc soft- en hardware heb ik nooit goed genoeg gevonden.
Bovendien durf ik te zeggen dat ik met Windows machines altijd mijn plan kan trekken. Nog nooit heb ik iets niet opgelost, aangesloten of werkende gekregen.
Toen ik vooral met videomontage bezig was, heb ik ook geleerd dat een op maat gebouwde en perfect geconfigureerde pc een evenwaardige en aanzienlijk goedkopere oplossing was voor mijn noden.
Nog niet zo lang geleden kocht ik nog een super Windows pc en ik ben er nog altijd ongelooflijk tevreden van. En toch is er sinds een week of twee weer een appeltje in huis.
De laatste tijd krijg ik regelmatig opdrachten waarbij het handig of zelfs nodig is om een laptop op locatie te hebben. Mijn oude laptop is hopeloos verouderd en daarbij was ik het echt beu om dat 12 kilo zware monster mee te sleuren. Daarom ging ik op zoek naar een nieuwe laptop. Als tevreden pc-gebruiker ging ik natuurlijk in de eerste plaats op zoek naar een Windows machine. Maar het grote probleem met pc’s is dat ze vaak samengesteld zijn uit slecht bij elkaar passende componenten die dan ook nog eens slecht geconfigureerd zijn. Mijn desktops laat ik volledig bouwen bij een echte expert, maar bij laptops heb je die luxe niet. Bovendien weet ik dat Windows besturingssystemen pas betrouwbaar worden na het uitkomen van het eerste servicepack. Helaas is het bijna onmogelijk om nog een laptop met Windows XP te kopen. Aangezien ik mijn zin niet vond, ben ik dan toch maar eens gaan kijken bij Apple.
Ik was meteen gecharmeerd door de Macbook. Handig, licht en mooi. En nu je ook Windows op een Mac kan draaien was het risico beperkt. In het slechtste geval geraak ik niet aan de Mac gewend en heb ik een te dure windows machine met een lichtgevende appel op.
Voorlopig valt het mij echter allemaal heel goed mee. De compatibiliteit met Windows is sterk verbeterd sinds ik de laatste keer met Mac gewerkt heb en de kleine verschillen in het dagelijkse gebruik worden snel een gewoonte. Ik krijg mijn RAW’s snel te zien op het scherm en voor mijn administratieve taken voldoet het ding uitstekend.
De integratie tussen verschillende applicaties en het web 2.0 gehalte is verder uitgewerkt dan bij Windows. Vele dingen kan je in Windows kwalitatief even goed maar het vraagt wat meer kennis om hetzelfde te bereiken.
Kobe is alvast gewonnen voor de Macbook. Tot nu toe heb ik de kinderen niet aangemoedigd om met computers bezig te zijn maar ik besef ook wel dat het niet slecht is om ze af en toe en langzaam aan een beetje kennis te laten maken met de computerwereld. Daarom heeft Kobe zich vanavond een uurtje mogen bezig houden met hoogst educatieve dingen als vossen afschieten en vliegen dood meppen. De concentratie en het sprekende gemak waarmee hij de (overigens voortreffelijke) Mighty Mouse hanteerde was zo mooi dat ik het niet kon laten er een paar foto’s van te maken. En zo had ik meteen wat illustratiemateriaal om mijn hoogverraad aan te kondigen.
Mocht iemand nog leuke en/of educatieve peutertoepassingen kennen, laat maar weten.
O ja, gelieve geen mac-pc discussies te ontketenen in de comments.
Mijn grootmoeder, moemoe, is vorige week 89 geworden. Misschien heeft ze niet meer de veerkracht van enkele jaren geleden maar ‘t is en blijft een geweldige vrouw. Haar gevoel voor humor is nog steeds zeer scherp en ze maait haar gras nog steeds zelf. We hebben haar er wel van kunnen overtuigen dat ze gerust hulp mag vragen om de dakgoot uit te kuisen maar nadat de poetsvrouw geweest is, gaat ze zelf nog eens rond met de stofvod.
Mijn nichtje Katrijn vond terecht dat we deze verjaardag niet ongemerkt voorbij konden laten gaan en riep de hele familie samen voor een taartenfestijn.
Voor ons, als haar kleinkinderen was en is het nog steeds feest elke keer als we bij haar langsgaan. De snoepkast en de frigo zijn steeds goed gevuld en er staat geen limiet op de hoeveelheid lekkers die ontvreemd mag worden. Natuurlijk is moemoe dol op haar eigen 4 kinderen, maar wanneer één van de kleinkinderen binnenkomt, gaan haar ogen schitteren.
Nichtje Nele kan zonder problemen een carrière als fotomodel beginnen mocht ze het beu zijn om een topadvocate in wording te zijn.
Toen we moemoe vertelden dat Nancy zwanger was van Kobe, zei ze dat ze alle kindjes graag ziet maar dat het hebben van achterkleinkinderen op zich haar niet veel deed. Maar nu ze met Kobe, Maya, Noa en Ian (zoontje van mijn zus) vier achterkleinkinderen heeft, is het wel duidelijk dat die kids veel voor haar betekenen. De koel- en snoepkast zijn tegenwoordig voller dan ooit en ze koopt zelfs speelgoed.
Kinderen zijn vaak niet helemaal op hun gemak bij oude mensen, maar die van ons zijn dol op moemoe.
Hier is de organisatrice van het feestje Katrijn. Ze is tevens ’s werelds beste babysit (nee, ik geef haar nummer niet, we houden ze voor onszelf).
Toen Noa net geboren was, durfde moemoe haar niet zo goed pakken. Ik zag echter dat ze het doodgraag wou, dus werd Noa in de handen van haar overgrootmoeder gestopt. En nu moet ze Noa toch bij elk bezoekje even in haar armen houden.
Moemoe heeft het kind in haar nooit helemaal losgelaten. Ze plukt de dag en staat open voor verwondering, van een rolmodel gesproken.